Schrijfsels over lezen en schrijven.

Op deze pagina kun je elke 14 dagen een stukje verwachten over boeken, lezen, schrijven, schrijvers.

Ik hoop je daarmee te inspireren.

  • 1. 12 januari 2026

Enthousiasme, leesgedachten en schrijfplezier.

Vanaf het moment dat ik kan lezen en schrijven geniet ik van allebei. Daardoor heb ik nu, op mijn 70ste, aardig wat weggelezen. Als ik over boeken praat, krijg ik vaak reacties op mijn enthousiasme: het lukt me soms te inspireren tot lezen.

Dat is de eerste reden voor dit schrijven.

Een andere reden is dat ik graag schrijf. Voor gelegenheden, voor mijn eigen plezier, om iets moois en creatiefs te maken, om een ingrijpend verhaal te vertellen en soms om iets moeilijks te verwerken of mijn kijk erop te veranderen.

Ik hoop dat deze stukjes een onderdeel worden van dat schrijven met plezier.

Nog een andere reden is dat ik het leuk vind om te vernemen hoe anderen hetzelfde boek ervaren, maar ik wil niet bij een leesclub, omdat ik dan ik niet kan kiezen wat ik op dat moment wil lezen.

Ik lees niet snel en hecht aan eigen keuze, die ook nog eens bij het moment moet passen.

En de vierde reden tot slot:

Lezen en schrijven hebben mij zo vaak zo veel gebracht, dat ik het tijd vind daarover iets te vertellen.

Pretentieloos en hopelijk om te inspireren.

Hoe ga ik dat aanpakken?

Wat ik niet mooi blijk te vinden of heb gevonden, laat ik achterwege. Ik ga geen enkele schrijver onderuithalen: smaken verschillen nu eenmaal.

Ik hou van gulle, aanstekelijke reacties op boeken en op schrijvers, die het meestal van heel erg hard en heel gedreven werken moeten hebben.

Wat ik ook achterwege laat: feelgood, thrillers, science fiction. Dat heeft met smaak en met een keuze binnen beperkte leestijd te maken.

Ik lees het liefst literatuur, romans, poëzie, kinderliteratuur, autobiografieën en soms toneelstukken.

Dus daarover ga ik schrijven.

Het worden met nadruk geen recensies, maar persoonlijke verhaaltjes over wat het boek, of soms ook de schrijver, voor mij betekent of heeft betekend.

Als ik een boek heel mooi heb gevonden, wil ik het altijd even in mijn handen houden. Alsof ik zo het verhaal een kan laten voortduren of de personages bij me kan houden.

Ik hou daarom het meest van fysieke boeken en nog allermeest van hardcovers, maar die zijn er niet altijd.

Als je de stukjes wilt lezen: meld je aan via deze website of kijk er gewoon elke 14 dagen even rond.

Als je reageert is dat echt leuk en welkom.

Heel veel inspiratie en leesplezier gewenst!

——————————————-

  • 2. 24 januari 2026

Jean Baptiste Andrea.

Al heel erg lang houd ik een ‘boekenboekje’ bij. Daarin schrijf ik beknopt waar het boek over ging en wat ik ervan vond. Intussen ben ik aan het derde boekje bezig.

Die boekenboekjes hebben me al menig boek laten herlezen en gelukkig blijk ik mijn eigen mening aardig trouw. Soms blijkt een vroeger gelezen boek toch echt gedateerd.

Ik verzamel werk van schrijvers die ik heel goed vind. Daar kom ik later op terug. Ik wil nu beginnen met de nieuwste verzameling: 

Jean Baptiste Andrea.

Een schrijver die me de laatste tijd alle andere boeken liet overslaan.

Ik begon met ‘Waak over haar’ en was meteen verkocht.

Een prachtige hardcover. En belangrijker: wat een zeldzaam mooi taalgebruik en wat een beeldende kracht gaat er van het verhaal uit. Het is meer dan origineel: de wendingen, de personages, voor wie niets menselijks vreemd is.

In dit boek wordt een arme jongen een talentvolle beeldhouwer, maar zijn leven gaat bepaald niet over rozen.

Een onmogelijke liefde, hij is een dwerg, zijn eigenzinnige keuzes en herhaalde inzinkingen kleuren zijn pad.

Ik vond het spannend, ontroerend, poëtisch en weergaloos mooi geschreven. Het is droevig, maar dat maakt helemaal niet uit om er met volle teugen van te genieten.

Dus ik besloot meteen een volgende aan te schaffen: ‘Duivels en heiligen’. Ik vond nog een hardcover. (Nu moet je moeite doen om er nog een te vinden.) Zijn voorlaatste boek, althans van degene die vertaald zijn.

Dezelfde prachtige stijl, een verhaal dat me nog meer raakte. Over een internaat voor weesjongens. Mijn vader was wees vanaf zijn vierde jaar en groeide, gescheiden van zijn zussen, op in een weeshuis in Amsterdam. In zijn geval bij nonnen die bepaald niet pedagogisch geschoold waren.

In dit boek krijg je een uitgebreid en wreed beeld van de katholieke aanpak van toen. Het speelt zich af in Zuid-Frankrijk.

Hoe de jongens daar samen overleven is zo mooi ingeleefd weergegeven en zo ingrijpend voor en over hun vriendschap. De beelden en indrukken zijn heftig en staan op mijn netvlies getekend.

Ik ben blij dat Martine Woudt deze beide boeken zo fantastisch heeft vertaald: de stijl komt zo ongelooflijk goed tot haar recht. Groot compliment voor haar wat mij betreft.

Over de derde en vierde roman van deze schrijver, die hij dus beide eerder schreef, het volgende schrijfsel.

———————–

Verder over Jean Baptiste Andrea

De eerdere boeken van deze schrijver zijn wat dunner, niet in hardcover, maar beide met een prachtige inhoud.

Weer die hele speciale taal, die fantasiebeelden en indrukken zo poëtisch beschrijft.

Thema ook weer vriendschap. Naast andere.

In ‘Honderdmiljoen jaar en een dag’ geeft een paleontoloog alles op, om – na een gehoord verhaal over een draak -, een voorhistorisch dier te gaan zoeken in een gletsjer.

Toen ik eraan begon moest ik even slikken of dit wel een boek voor mij zou zijn.

Ik ben ooit op de Rhône-gletsjer geweest en ik was er doodsbang: voor de hoogte, het harde geklater buiten om me heen, het gedruppel en de grotachtige gang van ijs erbinnen in. Ik moest er uren van bijkomen en ik zou het echt nooit meer herhalen.

Maar ik heb dit boek in een adem uitgelezen: de personages zijn zo origineel, dat ik er niets over zal verklappen. Het verhaal is ongelooflijk spannend terwijl het gegeven beperkingen oplevert: het speelt zich af op een vaste plek en de dagen zijn veel hetzelfde, door iedere dag hetzelfde werk. Juist ook daardoor zeldzaam knap geschreven naar mijn idee. 

En dan de eerste die hij heeft geschreven, althans van de boeken die in het Nederlands vertaald zijn: 

‘Mijn koningin’ over een vreemd jongetje dat nergens bij hoort, dingen anders aanvoelt dan anderen en man wil worden door naar ‘de oorlog’ te gaan.

Hij loopt weg van huis, vindt de oorlog niet, wel een meisje, Viviane, met wie hij heel speciale avonturen beleeft.

De schrijver laat je in het hele verhaal balanceren tussen werkelijkheid en fantasie, tussen gedachte of gebeurtenis. Dat maakte het voor mij tot een wonder van leesplezier.  

Ik ben geen jongetje, ik ging niet naar de oorlog, maar wat heb ik me hier en daar vereenzelvigd met het bedenken, met het niet helemaal begrijpen, met het anders zijn, met de wens om weg te gaan, om volwassen te willen zijn. 

Wat een enorme kanjer van een schrijver!

Toen ik het laatste boek van deze schrijver bij de Drukkerij in Middelburg kocht, zei de enthousiaste verkoper, die ook fan bleek, dat hij wilde proberen Jean Baptiste Andrea naar Middelburg te halen in de komende Boekenweek. Ik duim dat het hem lukt en dan sta ik vooraan, in de hoop dat hij dan ook weer een nieuw boek geschreven heeft!!


4. 1 maart 2026:

Columns van Derk Sauer

Vaak heb ik moeite met korte stukjes: ik vind het te veel informatie, waar ik verder weinig mee kan. 

Maar nu had ik, dankzij de foto op de voorkant, een boek in mijn handen, dat ik mijn dochter graag cadeau wilde geven. Natuurlijk wilde ik het eerst zelf gelezen hebben: 112 columns van Derk Sauer, die hij schreef voor het Parool.

Derk en zijn vrouw Ellen hebben heel veel betekend voor onze dochter. Ellen door hulp bij het starten van haar yogalessen en Derk niet alleen bij de start van haar winkel, maar ook door te zijn wie hij was: een lichtend voorbeeld van vertrouwen, inspiratie, gewoon jezelf zijn, je geen zorgen maken, altijd bereid zijn om te helpen. 

Mijn dochter leest niet graag, dus ik wilde testen bij deze columns of ze bij haar zouden passen.

Daar twijfel ik nu niet meer over.

Ik heb ze achter elkaar gelezen en ik heb ervan genoten: wat schrijft hij leuk en toegankelijk, wat een mooi tijdsdocument is dit boek daarmee geworden. Het zijn niet alleen losse stukjes: het is een mooi totaal verhaal. Persoonlijk en betrokken.

Ik heb een beeld van het mooie van Rusland, ik begrijp de liefde van Derk en zijn gezin voor dat land nu beter. Ik heb een beeld van de vreselijke kant, van hoe moeilijk loyaliteit soms blijkt te zijn.

Vooral heb ik ook een beeld van hoe Derk keek naar anderen, naar journalistiek, naar ondernemen.

Het vreselijke ongeluk zo vlak na het feestelijk vieren van hun 40-jarig huwelijk in Griekenland, maakte een eind aan het leven van een prachtig mens, een journalist, gezinsman, weldoener. Hij wordt door velen gemist.

Ik weet zeker dat dit boek voor mijn dochter een troost zal zijn bij haar gemis.


5. 16 maart 2026

Philip Roth, een start.

Omdat 19 maart de geboortedag is van Philip Roth en omdat ik zo hoop dat hij niet in de vergetelheid raakt, ga ik de komende weken, tot eind mei, wat over hem en zijn boeken schrijven.

Maar met welke zal ik beginnen? 

Ik heb zijn werk door de jaren heen verzameld en op ‘Over schrijven’ na, – die lees ik nu -, heb ik alles gelezen wat vertaald is. Sommige boeken heb ik herlezen, andere heb ik na lezen op film gezien.

Ik bewonder deze schrijver enorm: om zijn gigantische verbeeldingskracht, om de originaliteit van de vorm die hij steeds weer kiest, om zijn vurige intelligentie en om zijn onvergetelijke personages en verhalen.

Ik herinner me veel mooie gesprekken met mijn oudste zus over hem en over sommige van zijn personages. Zij was en ik ben fan en we lazen de boeken vaak tegelijk. Als we zijn laatste werk weer hadden uitgelezen, zaten we te wachten tot hij weer iets nieuws zou schrijven. We deelden de liefde voor zijn personages en voor de lange zinnen, die zo mooi en logisch zijn. De vroegere werken zijn fantastisch vertaald door Else Hoog.

Het eerste boek dat ik las was ‘Een braaf meisje’ en dat is zo lang geleden, dat ik het moet herlezen om het op te frissen.

En herlezen is bij deze schrijver helemaal geen straf: de tweede keer is het minstens zo mooi als de eerste, misschien nog wel mooier..

Ik kan geen enkel boek noemen, waar ik niet van genoten heb.

De latere, wat kleinere werken zijn heel anders en zeker zo indrukwekkend. Daar kom ik later op terug.

Kortom: ik denk dat ik bij mijn komende schrijfsels willekeurig door de boeken ga en af en toe iets zal citeren wat me raakte, misschien krijg ik iemand enthousiast.

Naar mijn mening, maar die moet bescheiden zijn, had Philip Roth absoluut de Nobelprijs verdiend, maar hij kreeg hem niet. Te controversieel in zijn tijd ben ik bang. Gelukkig heeft hij talloze andere prijzen wel gekregen en ook in Nederland is hij vaak besproken. Ik heb na elk boek gewenst dat hij 120 zou worden om nog veel te kunnen schrijven.

Hij werd 75 en overleed op 22 mei 2018.

Als je nog nooit iets van hem hebt gelezen, zou ik beginnen met ‘Patrimonium’.

Naar mijn idee toegankelijk, ontroerend, eerlijk en met humor; geen fictie, maar ‘een waar verhaal.’

Ik las het twee keer en nu ik fragmenten teruglees zou ik het zo nog een keer willen lezen.

Een fragment om je te inspireren:

Het gaat om zijn vader van 86 jaar, die een hele grote tumor in zijn hoofd heeft. Alleen met een zeer riskante operatie kan die tumor aangepakt worden.

Na diverse doktersbezoeken en een second opinion raakt de vader erg down en het besluit voor een ingrijpende biopsie via zijn gehemelte, laat op zich wachten, omdat de uitvoerende dokter een maand naar Europa gaat voor lezingen.

Philip belt een bekende, (Sandy Kuvin), die arts is, om advies en beschrijft zijn vaders wanhoop en besluiteloosheid. De arts vertelt dat bij heel oude mensen een tumor langzaam groeit en dat die tumor er al 10 jaar zit. Dus dat is een overweging bij een dusdanig ingrijpende biopsie of later operatie.

Philip vraagt:

(citaat)

 ‘Wil je iets voor me doen, Dok? Wil je hem opbellen? Niet laten merken dat wij elkaar gesproken hebben. Bel hem onverwachts op en laat hem zijn verhaal vertellen en zeg dan wat je tegen mij hebt gezegd – dat het langzaam groeit en dat hij het moet vergeten. Want als er niet snel iets gebeurt om hem op te beuren gaat hij er onderdoor. Dan zakt hij misschien als een pudding in elkaar en houdt het uit pure vertwijfeling voor gezien.’

Nog geen half uur later belde mijn vader op, met een stem die vitaal en levenslustig klonk, alsof hij weer tot alles in staat was. Zich voor de zoveelste maal aan het leven optrok.

‘Raad eens wie me heeft uitgenodigd op de bruiloft van zijn dochter in december?’

‘Nou?’ 

‘Sandy Kuvin belde op uit Palm Beach. En weet je wat hij zei? Ik vertelde hem wat er aan de hand was en toen zei hij:

“Herman, denk er niet meer aan. Dat ding zit er al tien jaar en het groeit zo langzaam, dat het er nog wel tien jaar kan zitten voordat je er nog meer last van krijgt.” Kuvin zei dat ik aan tien andere dingen dood kan gaan voordat die tumor nog groter wordt.’ Met een klank van oprecht genot in zijn stem somde hij de potentiële moordenaars voor me op. ‘Ik kan een hartaanval krijgen, ik kan een beroerte krijgen, ik kan kanker krijgen, – voordat ik aan dat ding doodga kan ik aan honderd andere dingen overlijden.’

Ik moest lachen. ‘Nou, dat is geweldig nieuws.’

‘Kuvin zegt dat ik er niet meer aan moet denken en mijn gewone leven weer moet oppakken.’

‘Zei hij dat? Misschien moet je dat dan maar doen.’

‘Zijn Michelle, zijn dochter, gaat trouwen op – wacht even, ik heb het opgeschreven – op dinsdag, 27 december 1988. Bij hun thuis. ’s Ochtends om half twaalf. Hij wil dat jij ook op de bruiloft komt. Met Lil en mij.’

December was over zeven maanden. Was dat een ‘betrekkelijk korte tijd’ of niet? ‘Als jij gaat, ga ik ook,’ zei ik.

(einde citaat)

Patrimonium 1991 vertaald door Else Hoog, uitgeverij Meulenhof, blz 143-145.